Archive for the ‘Amstel’ Category

Waar moet ik beginnen? Allereerst bij Anita en Olaf. Olaf had zich eerder voor deze marathon opgegeven dan ik. Mijn spontane actie, later, is bekend. Gisteren kreeg ik een sms van hem waarin hij aangaf dat hij wel blij was dat ik ook zou lopen. Ik was blij met hen. Anita pikte me vanmorgen op en zette ons in de buurt van het stadion af. Met Olaf heb ik al diverse malen naar beider tevredenheid een 10em  gelopen. De afstand van vandaag is toch wel even wat anders.
In en rond het stadion had ik met diverse bekenden afgesproken Eigenlijk was ik er van uit gegaan dat ik die nooit in die mensenmassa terug zou vinden. Maar eenmaal in de hardloopwinkel stond ik al meteen oog in oog met Ruben en Nessrine. Kanjers. Sympathiek (en snel).
De hardloopwinkel, ook al zo sympathiek, bood ons koffie aan. Terwijl ik dat ophaalde waren Gerard en Jaco ook al binnen gekomen. Leuk om met hen nu eens kennis te maken.
We mochten onze tassen daar in de winkel (boven) achter laten. Super!
Inmiddels was het wel tijd om het stadion op te gaan zoeken. Een belangrijk loper, voor mij, had ik nog niet gezien. Maar nog maar één voet in het startvak en ook Rien had ik gevonden. In no time ook Onno. Hoe is het mogelijk! Even later tikte ook nog Marcel (mijn haas op de 10km) me op de schouder.

Wat is het overigens een belevenis om in het olympisch stadion te mogen starten. Temidden van lopers uit diverse landen wachten op het startsein. Om dan eindelijk, want zo voelt het wel, eens te mogen gaan rennen. 42,195km lang. Op zich vind ik het mooi om er te lopen. Dwars door de stad, met ook het Vondelpark. Met name de route langs de Amstel vind ik prachtig. Op die momenten liep ik echt te genieten. Zoals ik me had voorgenomen.
Anita zagen we twee keer langs de kant staan. Ons flink toejuichend:
“Kom op spetters van me!”
Ronald stond bij het 11km punt. Met een megafoon schetterde hij naar me toe:
“Go Martin, Go Go Go”
Overigens is het van niet te onderschatte waarde dat er mensen die je kent, zeker bij deze afstand, langs de kant staan. Dat ondervond ik later bij Ouderkerk aan de Amstel. Mijn neef Peter (die snelle van Texel) was aanvankelijk van plan om voor de tv te gaan kijken maar besloot om toch maar naar het parcours af te reizen. Er bij aanwezig zijn is toch van meer waarde. Ik had hem niet gezien maar hoorde ineens mijn naam. En:
“sportdrank?”
Hij duwde een flesje in mijn handen. Hij weet niet half wat zoiets even doet.
En dan Ron. Zo goed ken ik hem nog niet. Hij had aangegeven met een bolletjestrui langs de kant te staan. In een flits zag ik hem ergens bij de 19km. We konden nog net even de hand naar elkaar opsteken.
Even later, juist op een wat dood punt, zowel bij mezelf als in het parcours, kwam hij naast me fietsen. Maakte een foto. Vroeg hoe het ging en bood een gel aan. Allemaal net op het juiste moment. Ook dat komt erg fijn over. Super!
Inmiddels was ik Olaf kwijt geraakt. dat was al voor dat ik Ron zag staan. Ik dreigde nog dat de eerstvolgende zoen van Anita voor mij zou zijn. Maar het hielp niet. Olaf kon me niet bijhouden. Rien was ik in het Vondelpark al kwijt geraakt. Ik stond er dus ‘alleen’ voor. Het is me overigens aardig meegevallen. Vorig jaar was ik kapot bij de 33km. Op. Geen snelheid meer in te krijgen. Het wandelen begon op dat moment wat vaker voor te komen. Nu kon ik door gaan. Wel in een iets lager tempo. Coach Frans had me al verteld dat ik me vanaf dat moment daar niet meer zo druk om zou moeten maken. Zeker niet wanneer ik ervoor tempo heb kunnen houden. En dat had ik. Vanaf de 35km kreeg ik het pas echt zwaar. Maar de 10km per uur wist ik vast te houden. Ondertussen liep ik uiteraard al  een beetje te rekenen. Hoe zou ik uitkomen? Dat Vondelpark krijg je ook op de terugweg voor de kiezen. Een mooi park misschien. Maar ik zag er het mooie niet meer van. Vanaf die 35km was ik alleen maar bezig met lopen. Mijn houding, mijn snelheid en het feit dat ik moest doorzetten. Het is me gelukt. Vorig jaar liep ik dezelfde marathon in 4:10:20
Dit jaar haalde ik een vette, hele vette pr. Ik liep het in 3:48:32.
Vorig jaar tranen. Peter was er getuige van maar wist toen nog niet wat daar de werkelijke reden van was.
Nu weer tranen. Niemand om me heen om mijn emotie kwijt te kunnen. Net op een moment dat ik het had weggedrongen kwam ik Ruben tegen. Ik kon het niet meer tegenhouden. Ruben was even de klos. Gelukkig alle begrip van zijn kant.
Boven de hardloopwinkel kon ik me op mijn gemak even omkleden. Wat eten en drinken. En wachten op Olaf. De arme man had het zwaar gehad. Was blij dat het achter de rug was. Iets later maakte dat plaats voor een soort van trots. Hij had het toch maar even gedaan. Dat gevoel heb ik ook!

Advertenties

Read Full Post »