Archive for december, 2011

van 2011 naar 2012

Zo aan het eind van het jaar komen diverse terugblikken voorbij in de media.  Ook ik kan er niet omheen en heb de afgelopen dagen diverse zaken van dit jaar door mijn gedachten laten gaan.

Het jaar begon donker, kil en vooral somber. Een lange winter waar geen einde aan leek te komen. Door de situatie thuis stond het hardlopen op een laag pitje. Gelukkig stonden mijn trouwe loopmaatjes toch regelmatig voor de deur. Hetzij voor een gewone training, hetzij om spontaan even een rondje te lopen. Door de situatie thuis stond het lopen in een ander daglicht. Snelle tijden waren absoluut niet van belang. Het lopen bleef ik doen om er energie uit te halen. De marathon van Parijs, waar ik me voor had ingeschreven, liet ik voor wat het was en ik schoof mijn startnummer door naar loopmaatje Meike.

Toch kwam door de uitnodiging van mijn collega Cock, wiens vrouw in hetzelfde schuitje zat als de mijne, om mee te doen aan de 20 van Aplhen er weer iets strijdbaars in mij naar boven. Het doel was afzien. Onze vrouwen moesten dat, wij moesten dat ook. De  familie en vrienden van Cock waren geen lopers maar gingen speciaal voor dit evenement trainen om daar dan eens flink af te zien, met een knipoog naar zijn vrouw en de mijne. Ook voor mij zou het afzien worden. Het was geen kwestie van uitlopen maar een goede tijd neerzetten. Een pr. Voor minder gingen we niet. Cock en ik liepen als enigen van zijn groep de volle 20km. En we hebben afgezien. Die pr kwam er!

Niet lang na Alphen was Lia door de ergste periode heen. Haar laatste chemokuur was in April. We konden weer vooruitkijken en vrij ademhalen. Door Alphen was er weer een vuurtje in mij gaan branden en ik was weer lekker gaan trainen. Parijs liet ik voor wat het was maar ik keek wel weer uit naar andere evenementen. Na die pr wilde ik heel graag een verbetering op de halve marathon. De Marquetteloop in Heemskerk leende zich hier goed voor, leek mij.

Harde wind leek roet in het eten te gooien maar door flink door te bijten en weer af te zien redde ik het toch een pr te lopen. De rest van het jaar bleef in het teken van de persoonlijke records staan. Met als hoogtepunt de marathon van Amsterdam. Een duikeling van 4:10 in 2010 naar 3:48:20 dit jaar. Later zouden daar in Spijkenisse nog eens 4 minuten af gaan. Die lange afstand is dus iets waar ik meer mee wil gaan doen.

Door het twitteren over hardlopen ben ik in contact gekomen met diverse hardlopers vanuit het hele land. Een mooie aanvulling moet ik zeggen. Een aantal contacten kan ik inmiddels tot vrienden rekenen. Het zijn beslist geen oppervlakkige kennissen. Het bleek al snel bij de diverse loopevenementen waar deze enthousiaste twitteraars elkaar opzochten, aanmoedigden of zelfs samen gingen lopen. Bij de Damloop kwam ik vluchtig Marcel tegen, maar bij de latere evenementen werd het goed afgesproken en werd er weinig aan het toeval overgelaten. Zo stond ik in het startvak van de marathon met uiteraard Olaf uit mijn eigen groep maar ook met onder andere de twitteraars Onno, Marcel en Rien.

Er kwam een heuse twitterrun. In de duinen van Heemskerk en Wijk aan Zee liep ik met een groepje hardlopers uitgebreider kennis te maken. Een aantal weken ervoor had ik al met Yvonne en Marcel twee uur door de zaanstreek gelopen. Onbetaalbaar en onvergetelijk! Dus, deel III werd al snel gepland. Dit zal in Januari gaan plaatsvinden, ook weer in de Heemserkse duinen. Voor deze run hebben zich al veel meer liefhebbers aangemeld. En dan editie IV…

De afsluitdijkrun. Jan Verwoert en ik hebben dit samen opgezet. Ruim 100 runners uit werkelijk het hele land zullen straks aan de start staan van deze gezamenlijke trainingsloop. Daar zullen we 32km lang de tijd hebben om elkaar te leren kennen en elkaar eens in het echt te ontmoeten.

Vandaag, op mijn vrije dag liep ik weer in de Zaanstreek. Weer met Marcel. De man waarmee veel, voor mij, op dit gebied is begonnen. Door hem ben ik gaan bloggen. Hij was er met de eerste twee twitterunnen uiteraard ook bij. Na zijn eerste halve marathon dit jaar wilde het niet goed meer lukken met hardlopen. Zijn kuiten wilden niet. Voor vandaag stond er eigenlijk 17km op het programma. Deze week schroefde hij dat voorzichtig terug naar 12 of misschien wel 10. Maar afzeggen kon ook. We zouden dan later wel een keer gaan. Nee, afzeggen was geen optie. Ik zette door. We zouden eerst een bakkie koffie drinken en wel eens zien hoever we zouden komen. Het werd niet 10km, niet 12km maar 14km. We liepen door prachtige straatjes, tussen weilanden door en zelfs tussen fotograferende japanners in de Zaanse Schans. Een mooie loop, ondanks regen en wind. Typerend voor de manier zoals wij twitterende hardlopers met elkaar omgaan. Niet elkaar in de steek laten maar elkaar blijven volgen en vooral motiveren.

Dit belooft veel moois voor 2012!

Advertenties

Read Full Post »

Spijkenisse

Of all places. Wie gaat daar nou een marathon lopen? Het is dan ook een wat kleinschaliger marathon voor wat betreft het deelnemersveld dan bijvoorbeeld Rotterdam of Amsterdam. In de uitslagenlijst telde ik 196 deelnemers op de hele marathon.

In het kort de voorgeschiedenis. Ruben’s vader zou debuteren in Amsterdam maar was geblesseerd. Ruben zocht voor zijn pa een passend alternatief, om toch de afstand een keer te kunnen lopen. Gerard kwam met Spijkenisse aanzetten. Richttijd voor Rubens vader was 3:45. De vraag was op een gegeven moment of ik mee wilde ter ondersteuning. Leuk, maar dit speelde zich af nog geen week na Amsterdam. Ik zegde toe, schreef in en kon weer aan de bak.

Deze week keek ik toch wel een beetje met argusogen naar de weersverwachting. Regen, kou, wind. Op zich laat ik me niet zo snel tegenhouden. Maar de combinatie van deze drie elementen vond ik nou niet bepaald aantrekkelijk. Mijn coach stelde voorzichtig voor om in overweging te nemen eventueel de 21km te gaan doen.
No way! De afstand zat al tussen mijn oren en ik had er voor getraind.

Vanmorgen stond ik al om half zeven naast mijn bed. Op tijd naar beneden voor een goed ontbijt. Om acht uur zouden we (Gé, Mo, Yvonne en ik) vertrekken vanaf het DEM terrein. Mo zou als pacer aan het werk gaan en moest zich op tijd melden. Geen probleem. Vroeg wakker ben ik toch wel. En ik ben er liever ruim op tijd dan net aan op tijd. Ik kon dan bovendien even kennis maken met Marek, Cindy, Jos, Richard en Rina.

Het was fris aan de start, maar niet zo koud dat ik mijn meegenomen petje op deed. Die bleef in de tas. Het was droog en er was geen wolkje aan de lucht. Daar kreeg ik spijt van. Op welke afstand weet ik niet meer maar op een gegeven moment kwamen we in een enorme hagelbui terecht. Zo had ik het tijdens het lopen nog maar één keer eerder meegemaakt. Gerard kon een opmerking niet onderdrukken. Het was op dat moment inderdaad niet handig van me. Ik ben nu eenmaal geen liefhebber van petjes of mutsen. Het benauwt me.

Het was overigens prima lopen achter de pacers Mo Indrissi (van mijn eigen vereniging) en Richard van der Klis. Een lekker tempo. Maar ik voelde me als een hond in een roedel. Links een loper, rechts, voor, achter; dat was niks voor mij. Intussen was Gé stilletjes er tussen uitgeknepen en liep voor de pacers uit. Zodra het mogelijk was ging ik ook uit dat peleton en ging naast Gé lopen. Ik kan niet anders zeggen dan dat ik lekker en stevig met Gé heb gelopen. Op zich wel gaaf, beiden al enige tijd bij DEM, beiden afkomstig uit het Heemskerker duin, en beiden in dezelfde sector werkzaam geweest. En dan nu samen een marathon lopen.

Gé en ik, twee Heemskerkers aan de slag

De pacers en de volgende groep lopers zagen we al lang niet meer achter ons. We waren harder gaan lopen.
De 21km pakte ik in 1:47, de 25km in 2:08 en de 35km in 3:02. Dat ging dus niet verkeerd.
Het parcours beviel me heel goed. Lekker de ruimte. Mooie uitzichten. Prachtig om te doen!
Na die 35km merkte ik dat ik waarschijnlijk iets te veel gas had gegeven. Langzaam aan zakte mijn tempo.
Volgens mij merkte ik bij de 37km dat de groep die voor 3:45 was weg gegaan mij toch weer op de hielen zat. Dat zou toch niet gaan gebeuren?! Ik probeerde mezelf weer bij elkaar te rapen en kon er nog wel iets uit persen. Gé was in middels vooruitgesneld.

Ik kon nog lachen, dus dit moet voor de 37km zijn.

Mo liep bij de 38km toch wel achter me en siste dat ik gas moest houden.
“Kom op Martin, doorzetten, gas houden”
Tja, het hielp iets en ik zette inderdaad door. Maar mensenlief wat zijn die laatste kilometers dan toch weer zwaar. Gerard was me ook voorbij gegaan. Het boeide me niet. Voor mij was het zaak om toch binnen de mezelf opgelegde tijd over die finish te gaan. Wat een ander deed moest een ander weten.

Wat is op zo’n moment nou mijn drijfveer? Waarom geef ik niet op?
Ten eerste heb ik er veel voor getraind en zoiets moet dan toch uitbetaald gaan worden. De vriendelijke maar doordringende stem van Mo deed ook wat olie op het vuurtje. En, ik wist en hoopte dat er wat mensen op mij zouden wachten bij de finish. Ik wilde ze niet teleurstellen. Ook een groep mij volgende twitteraars zou uitkijken naar mijn tijd. Ik wilde, moest en zou kunnen twitteren dat ik het had gehaald.
Bij de 40km, nog slechts 2,195 te gaan, deed alles zeer. Mijn kuiten, mijn tenen, mijn boven benen.
Hoe moest ik dit voor elkaar krijgen? Weer was het Mo die me aanspoorde toch nog even alle zeilen bij te zetten. Die laatste meters op die verrekte atletiekbaan zal ik niet zo snel vergeten. Wat duurt dat lang!
Bij de finish stonden inderdaad de eerder genoemde mannen en vrouwen mij toe te juichen. Een lach van mij kon er niet meer af. Maar ik waardeerde het zeker!

Bij de finish

Het is op mijn klokje 3:44:50 geworden.
Ik was helemaal op. Leeg. Alles gegeven. Diep gegaan. Ik weet nu wat dat werkelijk betekent.
Alle energie was weg. Ik had niet eens meer fut om mijn schoen los te maken vanwege de chip die ingeleverd moest worden. Ik schoot meteen vol.
Marek legde me eens uit dat alle leegte op dat moment ruimte geeft aan je emotie. Dat kon wel eens kloppen. Richard ving me op.
Later, aan het water en bij een broodje kreeg ik het weer te kwaad. Ik zat te rillen in mijn tuig. Yvonne, Jos en Cindy stonden me bij.
Gelukkig is mijn conditie zodanig dat ik na het omkleden weer vrij snel mijzelf was. De rit huiswaarts was een gezellige rit.
Een mooie marathon. Een mooie afsluiting van mijn hardloopjaar!

Read Full Post »

Nog even tempo maken

Op de agenda kijken was niet nodig. De week voor de marathon laat Rob Veer ons een 10km wedstrijd lopen. Gewoon lekker op tempo. Niet te zuinig.
Een wedstrijd doe ik niet, maar 10km op tempo wel. Niet alleen, een maatje wil ik dan wel even bij me hebben.
Waarom? Om wat afgeremd te worden, maar ook om het tempo er op te houden.
Dus gooide ik er een tweet tegenaan, en meldde ik het in mijn weekmail naar de loopgroep.
Niemand minder dan mijn trouwe maatje Bart reageerde meteen met een kort en bondig “ik ga mee”.
Het is ongeveer de beste optie. 10km op tempo lopen met Bart.
Tijdens het inlopen praten we dan nog wat maar na het indraaien en het rekken en strekken beginnen we dan meteen met de route en is het werken geblazen.
Er stond weinig wind, het was 5 graden. Heerlijk weer om even flink aan te zetten.
Stilzwijgend. We kunnen kletsen, maar ook de monden houden en doen wat we moeten doen.
Goed dat ik Bart bij me heb. Iemand meenemen doe ik uit zelfbescherming. Bart siste me een enkele keer terug. Ik zou anders te veel geven en dat wil ik niet. Coach Frans zei ooit  “je moet in deze periode niet aan je reserves komen”
Na een kilometer of zes moest Bart iets gas terug nemen. Ik zette door en hield mijn tempo goed in de gaten.
Wat een genot om te lopen in dat autovrije gebied! En wat is dit even een heerlijke opdracht!
Bart had zich even later al weer bij elkaar geraapt en kwam niet zo gek veel later op het eindpunt aangezeild.
Beiden gingen we met een goed voldaan gevoel huiswaarts.
Mij geeft het even een boost. De komende week nog wat korte stukjes lopen om lekker fris aan de start van mijn tweede marathon van dit jaar te staan!

10km
12,7km p/u

Read Full Post »

Corrigeren en sturen

Heeft een hardloper een coach nodig, of een trainer?
Heb ik dat nodig?

Er zijn aan de top werkende zangers die nog steeds naar een mentor of zangpedagoog gaan. Al zingen ze nog zo goed, een ander ziet en hoort hen op een andere manier, corrigeert en stuurt.

In die zin is het goed om als loper een trainer of coach te hebben die je ziet lopen, je programma kent en weet wat je zou willen. Een coach kan bovendien stimulerend werken.

Een stimulans heb ik zelden nodig. Eerder een rem. Toch was na zondag nog steeds mijn batterij leeg.
Dinsdag liet ik de training voor wat het was. Woensdag kreeg ik bezoek en dat kwam mooi uit.
Vandaag moest het er toch wel weer even van komen. Ik keek vanaf de bank naar buiten en alle moed ontbrak me om me om te kleden, laat staan om te gaan rennen. Op een zwoele zomeravond, geen probleem, ik ga wel.
De damloop was van start to finish een loop door de stromende regen. So what? Ik ga wel.
Maar nu, die combinatie: donker, storm, regen.

Van wie moest ik eigenlijk? Uiteraard van mezelf. En vanwege Spijkenisse. Als ik niet zou gaan zou niemand het merken. Alhoewel, ik heb sinds nog niet zo lang een coach, die me beslist zal gaan vragen hoe of ik heb gelopen. Niet dwingend, niet vervelend, nee precies op de juiste toon. Een manier die me nu toch maar van de bank deed opveren. Eruit! Dan had ik in elk geval het antwoord paraat dat ik had gelopen…
Daarbij weet ik van te voren dat wanneer ik eenmaal ga rennen er ook meestal niets aan de hand is.
Ik kleedde me om en stapte naar buiten. De temperatuur viel mee. En binnen 100 meter kon ik mezelf weer een sukkel noemen. Niets aan de hand. Een kwestie van opstaan en gaan!

Er is een korte ronde van 5 kilometer, achter mijn huis, tegen de polder aan, en door een andere wijk. Net genoeg. Eenmaal in de wijk besloot ik een klein stukje om te lopen.

Zeer voldaan kwam ik thuis. Ik ben er weer!!

Read Full Post »

Vermoeidheid

Maandag had ik al 31,5km gelopen. Gedurende de week, tot gisteren aan toe was ik blijven trainen.
Eerlijk gezegd zat ik met een dubbel gevoel op de bank vanmorgen. Naar Egmond lopen is een mooie opgave maar..wel een end.
Ik was ook maar wat blij dat Gé had aangegeven mee te willen lopen. Hij zou bij de parkeerplaats staan aan de Oudendijk in Heemskerk. Voor mij is het dan ça 4 kilometer lopen naar dat punt. Die  eerste kilometers moesten er echt uit worden geperst. Die gingen niet vanzelf. Dat beloofde wat! Maar, eenmaal met Gé op weg ging het wel erg lekker en pakten we een tempo op waartegen mijn nieuwe Coach wellicht  wel wat bezwaren zal hebben. Gé en ik waren niet de enigen. Ans, Mieke, Ruud allen lekker aan het hardlopen. Geen druppel regen trouwens.
We waren niet te houden. Gé zal mij ongetwijfeld de schuld geven. Toch moest ik hem zo nu en dan terugfluiten, hoe meer Heemskerk in de buurt kwam, hoe vaker hij over de 12km per uur heen dook.
Weer terug in Heemskerk, aan de Oudendijk, had ik er 27km op zitten. Nog 4 te gaan naar huis toe. De bedoeling was eigenlijk 33km te lopen maar mijn batterij was duidelijk op. De vermoeidheid komt nu om de hoek kijken. Op 30km zette ik mijn klokje stil en ging wandelen. Ik was er klaar mee. Inmiddels was ik wel al weer in Beverwijk. De huizen boden me beschutting tegen de wind.
Die wind zal overigens een grote oorzaak zijn van mijn vermoeidheid. Maar het kilometer totaal (95)van deze week werkt er ook zeker aan mee.
Hoog tijd, en dat voel ik echt, om de komende twee weken rust te nemen en niet te overdrijven met hardlopen.
Ik wil fit naar Spijkenisse. De zin is er nog steeds. Leuk om daar een aantal mensen (eindelijk) eens te ontmoeten en met hen te gaan lopen.

Read Full Post »

Doorzetten

De benen wilden niet. Zware benen, alsof er gewichten aan hingen. Alsof ze niet van mij waren!
Ik was vol goede moed en zin aan mijn loopje door de polder begonnen. Toch maar weer doorzetten. Het voelde niet zo heel belabberd aan als twee weken geleden. Wel was ik het al snel met mezelf eens dat 10km ruim voldoende zou zijn.
In de verte zag ik een hardloper mij tegemoet lopen. Ik sloeg af de Nieuwendijk op, het kortste stukkie wat ik ken. Achter me voelde ik dat de hardloper mij naderde. Ongemerkt kwam ik eindelijk over de 10km per uur heen. Kwam dat door hem?
De man voor blijven was ijdele hoop. In no time liep hij naast me en keek me met een olijk gezicht aan.
“Hé Martin, jij hebt ook nooit rust!”
Het was René. Ik mopperde dat mijn benen niet wilden. Wat hij verder nog zei weet ik niet meer. Het woord “tempo” kon ik nog net opvangen. Hij zette vaart en om de hoek bij de Zeedijk zwaaide de lolbroek nog even.
Intussen was bij mij een knop om. Wat nou zware benen? Rennen met die hap! Tempo! Het lukt ook nog. De afstand tussen mij en René werd uiteraard niet kleiner. Maar mijn klokje stond nu op 12,5 km per uur. Vasthouden! Ik moest en zou tot de volgende afslag dit tempo vasthouden. Als het kon nog een afslag verder ook. Het lukte. En in plaats van direct huiswaarts pakte ik een kleine lus extra. Weer terug op de Aagtendijk besloot in nog een omweg te maken. Nu wel in een iets lager tempo, maar nog steeds boven de 11km per uur.
Het werd uiteindelijk een totaal van 13,8km. Het gaf me een zeer voldaan gevoel.
Niet opgeven. Doorzetten!

Read Full Post »